Praktijk op de Helling in Dagblad de Pers 17-5-2010
Dagblad de Pers: 17-5-2010
Door Emiel van Dongen, foto Henk Braam
Na ontslag ‘Help, wie ben ik zonder werk?’
Leren rouwen om een baan
Na een groot verlies rouw je. Ook na dat van een baan. Speciale trainingen helpen ontslagen mensen er weer bovenop te komen.
Ontslag zorgt vaak voor schrikreacties, stress en concentratieproblemen. Mensen schamen zich, zijn onzeker en vragen zich af: wie ben ik zonder werk? En dat staat nog los van de financiële aderlating.
‘Sommige mensen worden zelfs levensmoe. Opnieuw aan de slag gaan is dan nog geen optie’, vertelt lichaamsgericht psychotherapeute en coach Nelly Sluis van Praktijk op de Helling in Groesbeek. Ze geeft de module rouwverwerking na ontslag, tien sessies die mensen na een pijnlijk ontslag klaar moeten stomen voor de arbeidsmarkt (zie kader).
Rouwen om een ontslag? Sluis: ‘Het wordt vaak onderschat wat het verlies van een baan met mensen doet. Het kan mensen in hun fundamenten raken en een existentiële crisis veroorzaken. En het gezinsleven of een relatie lijden er vaak enorm onder.’ Volgens Sluis lijkt dat als twee druppels water op rouw door bijvoorbeeld een overlijden. ‘Je ziet ook dat spieren verkrampen, de keel gaat dichtzitten.’
De ene ontslagene rouwt meer dan de andere. Het is onder meer afhankelijk van zijn of haar toekomstperspectieven en hoe lang iemand heeft gewerkt. Ook hóe iemand zijn baan is verloren, is van invloed. Arbeidsconflicten bijvoorbeeld, laten vaak flinke littekens achter.
Statusverlies
Gerie van der Land heeft de omstandigheden niet mee. Zichtbaar weemoedig vertelt ze dat ze al 41 jaar, waarvan 23 bij haar laatste werkgever, werkte toen ze anderhalf jaar geleden vanwege een reorganisatie werd ontslagen. Het toekomstperspectief op de arbeidsmarkt is slecht – ze is nu 59. En haar werk was alles voor haar. ‘Ik ben kinderloos en werk was mijn leven.’
Het ontslag raakte haar dan ook hard. ‘Ik kon eerst niet beseffen wat er was gebeurd en had het gevoel dat ik stikte. De hele dag zat ik in pyjama op de bank. Bij het UWV zeiden ze droog: ga maar weer aan het werk. Toen ik dat hoorde, knapte ik en begon te huilen. De werkcoach stelde toen de rouwmodule voor. Ik stond daar gelijk voor open.’
Sluis analyseert: ‘Gerie had status in haar werk, daar was ze echt iemand. Van het ene op het andere moment telde ze niet meer mee.’ Aanvankelijk had Van der Land niet door waar ze mee zat. Ze was vooral boos, dacht ze. ‘Toen ik met Nelly ging praten, kwam ik erachter dat het rouw was. Daarna kon ik aan de slag om uit de pijn te komen’, zegt Van der Land.
De rouwmodule bestond bij Van der Land vooral uit praten. ‘Er helemaal bovenop komen zal ik nooit, maar de scherpe kantjes zijn eraf. Ik heb weer zin en energie om dingen te doen, zo doe ik tegenwoordig veel vrijwilligerswerk. Ik ben er weer helemaal klaar voor om te gaan werken.’ Ze hoopt dat ze nog een baan van gelijk niveau vindt. ‘Al is dat met mijn leeftijd misschien niet helemaal reëel.’
Springen en slaan
Ex-zorgmanager Petra Everaars (55) werd door Sluis gestimuleerd vooral fysiek aan de slag te gaan: springen, met een knuppel op een kussen slaan of op een tafeltje staan. ‘Ik praatte met iedereen om me heen, maar het probleem bleef. Door de lichaamsgerichte therapie kon ik het uiten. Nelly was, soms ook heel letterlijk, echt een vangnet voor mij.’
Sluis heeft nu zo’n 35 cliënten behandeld. Drie daarvan hebben voor het einde van de training al een baan gevonden. Ook Everaars. Na een jaar thuiszitten geeft ze sinds een tijdje les op het hbo, vertelt ze. Haar gezicht verraadt trots.‘Zonder de rouwmodule zat ik waarschijnlijk nog steeds thuis te kniezen.’
Ontslag te boven
De rouwverwerkingstraining helpt mensen hun ontslag een plekje te geven, om zo weer toe te werken naar een nieuwe baan.Vóór het budgettaire drama (het UWV had begin maart zijn budget voor 2010 al grotendeels verbruikt) werd de rouwmodule door het UWV aangeboden in het voortraject. Dat is de fase die, bij sommige werkzoekenden, voorafgaat aan een ‘traject naar werk’. Momenteel biedt het UWV geen nieuwe trainingen meer aan; lopende cursussen worden nog wel afgemaakt. Hoeveel mensen de training nu volgen of ooit al hebben gevolgd, is niet bekend. Het UWV houdt geen cijfers bij.